Anita: ‘We leven in een wereld die vooral ratio gedreven is’

Gouden Gasten zijn denkers en doeners (m/v), die verandering en vernieuwing in organisaties van binnenuit ondersteunen. In een interviewreeks stellen we ze één voor één aan je voor. Vandaag: Anita Pijnappels.

Anita, waar help jij organisaties bij?
“Ik help organisaties en individuen die een beweging willen maken, wat dat ook moge zijn.

Als verandercoach ben ik iemand die er aan de buitenkant omheen rent en af en toe een beetje duwt en prikt. In dat proces ben ik vrij kritisch, naar de ander én naar mezelf. Eigenlijk ben ik altijd bezig met mijn eigen ontwikkeling, waarschijnlijk omdat ik nieuwsgierig ben. De vraag achter de vraag, die vind ik interessant. Laat mij maar pulken en ergens dieper op doorgaan. Ik kijk graag verder dan mijn neus lang is.”

Waarom is dat graven belangrijk?
“Weet je wat je vaak ziet bij mensen? Ze verliezen zich in gewoontes. Een van de meest gehoorde uitspraken op de werkvloer is niet voor niets: ‘Zo gaat het hier nou eenmaal.’ Als je daarin blijft hangen, kom je niet verder. Dus: ‘Je stelt hier nu wel een vraag over, maar is dit ook wat er aan de hand is?’ Snap je wat ik bedoel?”

Het is een terugkerend thema in deze interviews. Waarom wordt ‘verder kijken’ als lastig ervaren op de werkvloer?
“Als je ergens langere tijd werkt, ga je met een bepaalde bril kijken. Je raakt bevooroordeeld. Het stomme is alleen: je weet niet dat je die bril ophebt. Het is één van de redenen dat ik als zzp’er aan de slag wilde. Als buitenstaander heb ik die ongewilde bril nooit op en kijk ik automatisch scherper. Niet voor niets nemen veel mensen een coach als ze willen veranderen. In je eentje blijkt het heel lastig. In mijn positie is het makkelijker om goed te kijken en de vraag te stellen ‘Wat gebeurt hier nou eigenlijk?’ of ‘Is het logisch wat hier gebeurt?’”

Hoeveel procent van jouw toegevoegde waarde komt voort uit het buitenstaander zijn?
“Uhm … Vijftig procent? Ik heb jaren in een organisatie gewerkt. Ook toen lukte het mij bovengemiddeld goed om altijd kritisch te blijven kijken, al kostte dat toen meer moeite. Ik wil mijn eigen kwaliteiten dus niet helemaal wegcijferen. Het is mijn nieuwsgierigheid die maakt dat ik graag als coach optreed. Het past bij me.”

Je bent mede-oprichter van Wad Werkt, een leiderschapsreis. Op de site van het initiatief schrijf je: ‘Mijn drijfveer is om mensen te helpen weer in verbinding te komen met zichzelf.’ Hoe is dat ontstaan?
“Door zelf keihard met mijn neus tegen de muur te lopen. In mijn vorige leven was ik echt een hittepetit, een high potential met hoge hakjes en mantelpakje. Ik was altijd aan het rennen. In 2004, op de dag dat mijn man en ik onze tweeling kregen, overleed mijn vader. Een week na de uitvaart kwam ik alweer opdraven bij een sollicitatiegesprek. De volgende leidinggevende functie op een nóg grotere afdeling, stond op me te wachten. Na precies zestien weken zwangerschapsverlof ging Anita weer aan het werk. Anita ging maar door en door. Uiteindelijk brak ik. Met terugwerkende kracht kan ik zeggen dat ik mezelf helemaal niet was. Ik was gewoon aan het rennen. Wat wilde ik bewijzen? Nooit stelde ik mezelf de vraag: vind je dit echt het leukste om te doen? Mensen vroegen me daarentegen om weer te solliciteren, en hup, daar ging ik weer. Langzaam maar zeker raakte ik mezelf kwijt.”

Hoe kwam je daarachter?
“Het is niet zo dat ik mijn bed niet meer uitkwam, wat je ook nog weleens hoort, maar op een gegeven moment kwam ik niet meer verder in mijn werk. Ik kreeg van mijn team terug dat ik er niet meer voor ze was. De stapel werd steeds groter en problemen losten zich niet meer op. Het mondde uit in een soort disfunctioneren. Toen heb ik gezegd: ik moet even naar huis, ik moet stoppen. Door tijd voor mezelf te nemen, kwam het inzicht dat ik niet was waar ik hoorde. Mijn baan trok me leeg, in plaats van dat die me voedde. Dat zie je alleen maar als je er van een afstandje naar kunt kijken. Ik ben vervolgens gestopt met hiërarchisch leidinggeven en in de rol van verandermanager verder gegaan. In eerste instantie in dezelfde organisatie, daarna als zelfstandige. Langzaam kreeg ik helder wie ik ben en wat ik wil; ik ben meer in verbinding gekomen met mezelf. Die ervaring gebruik ik in Wad Werkt nu om anderen te helpen.”

Is de verbinding met jezelf kwijtraken een groot probleem in het bedrijfsleven?
“Heel eerlijk? Ik denk het wel. Niet voor niets hoor je veel mensen roepen: druk, druk, druk. Ik heb het ook gedaan. De keuzes die je in zo’n stemming maakt, zijn niet de keuzes die je voor jezelf maakt. Ik wil die mensen graag helpen om dat te herkennen en er iets aan te doen. Overigens kunnen organisaties op dezelfde manier ook de verbinding met zichzelf kwijtraken.”

Hoe komt het eigenlijk dat dit op grote schaal gebeurt?
“Ik vind het lastig om voor anderen te spreken, maar als ik naar mezelf kijk heeft het te maken met bewijsdrang. We leven in een wereld die heel erg ratio gedreven is; in het bedrijfsleven word je snel naar je hoofd getrokken. In de wereld gaat het ondertussen over groter en beter. Het maakt dat we alsmaar harder willen rennen.”

Wat gebeurt er als hoofd en hart niet in balans zijn?
“Je verliest aan scherpte, met alle gevolgen van dien. Kijk maar naar mij. Als je jezelf niet meer de vraag stelt ‘Waarom doe ik dit eigenlijk?’, word je een soort kritiekloos Duracell-konijn dat maar blijft rennen. Wrijving geeft glans, daar geloof ik in.”