Bob: ‘Je moet ruimte creëren om af en toe een zes te scoren’

Gouden Gasten zijn denkers en doeners (m/v), die verandering en vernieuwing in organisaties van binnenuit ondersteunen. In een interviewreeks stellen we ze één voor één aan je voor. Vandaag: Bob Konings, sinds september werkzaam als Agile Transformation Expert bij Jumbo.

 

Wat is de grootste uitdaging voor Jumbo ten aanzien van Agile werken?
Bob: ‘Jumbo is een commercieel familiebedrijf en groeit snel. Alles gaat hier vlot. Projecten worden groots aangepakt en de organisatie heeft een grote doekracht. Dat is een kwaliteit, maar het gaat niet altijd samen met Agile werken.’

Waarom gaan doen en Agile werken niet samen?
‘Een doener zet het liefst snel een actie op poten. Een doener lost problemen snel en effectief op in plaats van na te gaan: wat levert de meeste waarde op voor klanten? Agile schrijft voor dat je projecten klein begint en feedback over de voortgang ophaalt bij klanten. Bij Jumbo wordt die laatste stap soms overgeslagen. Daarmee zeg ik niet dat er geen begrip is voor de methodiek. Integendeel: het adoptieproces is volop gaande.’

Wat doe jij anders dan je collega Agile experts?
‘Dat vind ik lastig om over mezelf te zeggen.’ Na een tijdje nadenken: ‘Ik ben wars van de theorie. We kunnen veel tijd besteden aan dat wat er op internet in boeken wordt besproken, maar het is veel waardevoller om de vertaalslag te maken naar de praktijk. Hoe vertaal je Agile werken naar je eigen werk? Daar help ik bij.’

Vind je de theorie en de methodes rondom Agile werken overschat?
‘Ja en nee. Het is waar: er wordt veel gepraat over Agile werken en scrum. Alsof die twee samen de heilige graal vormen. Dat is natuurlijk niet waar. Ik doe al vijftien jaar dit werk. Al die jaren is het mijn taak geweest om bedrijven te helpen om het steeds ietsje beter te doen. Wat doen we en wat is daar de toegevoegde waarde van? Kan het ook beter, slimmer en efficiënter? Dat zijn al heel lang nuttige en relevante vragen. Anderzijds: veel bedrijven blijven te lang doorgaan met waar ze mee bezig zijn. Als je het zo bekijkt is er misschien wel te weinig aandacht voor veranderen. ‘De hype zal wel weer overwaaien’, zeggen veel mensen. Dat geldt misschien voor de terminologie, maar niet voor de essentie van Agile werken als filosofie en scrum als methode.’

Zijn er zaken die jou tegenhouden om de dingen te doen die je echt graag wilt doen?
Bob lacht verraderlijk. Daarna: ‘Hoe zal ik het zeggen? Er worden veel gave projecten opgestart, maar als ik in de eindfase vraag: ‘Je gaat dit nu opleveren, weet je zeker dat dit de beste oplossing is?’ lachen ze. ‘Daar heb je Bob weer’, denken de mensen dan. De drive om problemen van meerdere kanten te bekijken ontbreekt nog. We klaren de klus, het is bij tijd en wijle super gaaf, maar de echte innovatie is er nog niet. Ik heb er vertrouwen in dat het gaat komen.’

Een Gouden Gast volgens Bob

‘Een gouden gast is een multiplier en creëert beweging. Hij of zij leert nog altijd verder, is dus op de hoogte van de laatste trends en creëert waarde voor de klant. Het geheim? Een Gouden Gast denkt anders en laat zo mooie dingen ontstaan.’

logo-small-kader

Begrijp je waarom het nog niet lukt?
‘Ik vind het heel logisch. Het oplossingsgerichte denken zit in de hele cultuur verweven. Medewerkers worden afgerekend op hun prestaties en dus voorkomen zij dat ze een zes scoren. Terwijl: je moet juist ruimte creëren om af en toe ook een zes te scoren. Agile werken vraagt om ruimte voor leren en experimenteren. Die triggers moeten er dus ook zijn. Agile@Jumbo is niet voor niets als project ingevoerd bij Jumbo. Als het al vlekkeloos verliep was ik niet nodig.’

Hoe Agile heb jij je eigen leven ingericht?
‘Ik ben lerende. Binnenkort pak ik de voortuin aan. Zo’n project knip ik op in kleine stukjes. Ik werk met to do’s, ik prioriteer en ik stel mezelf doelen. Een ander doel is meer actie zetten op weekendjes weg met mijn vrouw. Dat staat ook op mijn persoonlijke backlog. En met mijn kinderen heb ik bijvoorbeeld afgesproken zij alle vrijheid krijgen om te ontdekken, maar dat er geen ruimte is voor middelmaat. Ik wil dat ze het best uit zichzelf halen en ik bied ondersteuning wanneer ze dat nodig hebben.’

Het is grappig dat je dat zegt, want net zei je …
‘Begrijp me niet verkeerd: ik vind het prima als mijn kinderen een zes halen. Het gaat me er meer om dat ze hun stinkende best doen. Dat bedoel ik met middelmaat voorkomen: alles geven en toeval proberen uit te sluiten.’

Gaan je kinderen mee in die wens?
‘Mijn jongste zoon kan zich er in vinden. Hij doet zijn best op school en heeft zich daarnaast als doel gesteld om de eerste keeper uit de jeugd te worden in het eerste van GVVV [voetbalclub uit Bob’s woonplaats Veenendaal]. Bij mijn oudste zoon begint het nu ook te komen. Vijf of zes jaar geleden zei hij: ‘Geef me alsjeblieft de ruimte, ik meld me wel als ik je nodig heb.’ Dat heb ik gedaan. Inmiddels hebben we een continue dialoog. Dat vind ik gaaf. Ik ben trots op hem.’

Waar ga je zelf helemaal in op als je niet aan het werk bent?
‘Sport is mijn ding. Met name wielrennen vind ik heerlijk om te doen. Dat is voor mij sport, ontspanning en reflexie in één. Als ik over wegen fiets die ik ken, voer ik als het ware een gesprek met mezelf. Dan denk ik: ‘Wat moet ik doen om nog een kilometer per uur harder te fietsen?’ Dat blijft altijd een onderwerp voor mij. Maar ook: ‘Wat moet ik mijn volgende werkweek anders doen dan de afgelopen week?’ Dat kunnen kleine dingen zijn. Laatst nam ik me voor om eens wat vaker oprecht aandacht te hebben voor de mensen waarmee ik werk.’

Je komt over als iemand die perfectionistisch is. Je wilt het altijd beter doen en anderen ook helpen om het beter te doen.
‘Vooral dat laatste vind ik heel belangrijk. Het is een soort mantra van mij.’